Menu

Basis

Vespers

Praktijkvoorbeelden

askruisje

Op weg naar Pasen worden in veel gemeenten vespers gehouden. Een vesper, of avondgebed, is vooral een moment van stilte en inkeer, met een eenvoudige orde. En als het gezamenlijk kan, is dat ook nog een plek van verbinding.

In veel gemeenten vinden er tijdens de 40-dagentijd vespers plaats. Ook bij ons in Kralingen is dat het geval (net als in andere gemeenten waar ik predikant ben geweest). Een kort moment in de avond waarop je bij elkaar komt.

Wij doen dat, net als veel andere gemeenten, in de Stille Week, de week voor Pasen. Op maandag, dinsdag en woensdag is er zo’n avondgebed. Maar het kan ook zijn dat gedurende de 40-dagentijd wekelijks op een vaste avond een versper gehouden wordt, om zo toe te leven naar Pasen.

De 40-dagentijd begint met Aswoensdag. Mijn indruk is dat deze dag steeds meer aandacht krijgt. Een samenkomst, waarbij je een askruisje op het voorhoofd getekend krijgt. Daarbij bedenk je dat je sterfelijk bent: Stof ben je en tot stof zul je weerkeren. Ons leven is eindig. Dat maakt de tijd kostbaar. Het kan je helpen om na te denken over de vraag: wat wil ik, wat is voor mij belangrijk in het leven?

De vespers, of ze nu gedurende de weken in de Passietijd plaatsvinden of in de Stille Week, vormen momenten van inkeer en bezinning. Het is de voorbereiding op Pasen. We staan stil bij het lijden en sterven van Jezus, maar zien ook uit naar de hoop en vreugde van de opstanding.

Mooi om de psalmen 113 tot 118, de Hallel-psalmen, een plek te geven

De sfeer is ingetogen en verstild. De vesper is een avondgebed dat rust, stilte en verdieping brengt. Ze hoeven niet lang te duren, een half uur is voldoende. Een kort moment om samen te zingen en te bidden, een schriftlezing en een moment van stilte. Een kaars wordt aangestoken, verwijzend naar Christus, het licht in de duisternis. Als er een overdenking wordt gehouden, is deze kort en sober. De vespers kennen bij voorkeur een vaste opbouw.

Het is mooi om in deze samenkomsten de psalmen 113 tot en met 118 een plek te geven (het Hallel). Deze psalmen hebben een plek in de Joodse traditie op weg naar Pesach. Waar het kan, is het goed om dit samen met andere wijkgemeenten of kerken te doen. Zo vormen ze ook een moment van gemeenschap en verbinding.

In deze week zorg ik ervoor dat ik geen vergaderingen of andere vormen van overleg heb. Ik houd mijn agenda grotendeels leeg. Juist in de drukte van alledag zoeken we de rust en stilte. Zulke momenten zijn zo waardevol. Wie eenmaal de waarde ervan ontdekt heeft, wil ze niet meer missen.

Drs. Roelof de Wit is als predikant verbonden aan de Hervormde Gemeente Rotterdam-Kralingen. Hij is lid van de redactie van Ouderlingenblad.


Veertigdagentijd
Ouderlingenblad 2026, nr. 2

Wellicht ook interessant

None

Achtergrondartikel bij het dagboek ‘Samen de hele Bijbel door’

Iedereen zal de vraag herkennen ‘Hoe geef ik de geloofsopvoeding praktisch vorm?’ Deze vraag hebben wij als ouders in ieder geval wel regelmatig onszelf gesteld. Je krijgt geen opleiding om je kinderen op te voeden en je kinderen in het geloof opvoeden is nog weer iets anders. Gelukkig mogen we zelf gevoed worden door het Woord en de zondagse erediensten. Ook zijn er binnen onze gemeente mogelijkheden om onderwijs te ontvangen in de vorm van doopcatechese en de leerdiensten. Wij zijn vanaf jongs af aan begonnen om bij de maaltijden hardop te bidden en een stukje uit de Bijbel, of kinderbijbel, te lezen. Juist het jong beginnen geeft je als ouders houvast en de kinderen gaan er dan ook zelf om vragen als je het zelf vergeet.

None

Het Keltisch jaar, het natuurlijke ritme van gebeden en meditaties

David Cole is goed thuis in de enorme schat van teksten uit de traditie van ‘keltisch christendom’. In dit boek biedt hij een rijke selectie aan, uit heiligenlevens, gebedsteksten, zegenbedes, aanroepingen, liederen. Niet als historisch verhaal, niet als literaire analyse, maar als onderdelen op een weg door de kalender van het jaar, steeds samen met een bijbeltekst, een overdenking, een gebed. Hij bedt ze in, in een gang van winter naar herfst, langs de acht getijden van het jaar. Acht getijden, conform de keltische kalender. Wie bewust bij ‘buiten’ leeft, weet dat vier seizoenen niet genoeg zijn om het jaar te typeren. Winter bijvoorbeeld valt begin november in als vogels wegtrekken naar het Zuiden of juist uit het Noorden landen, maar vanaf de winterzonnewende, 21 december, worden de dagen weer langer. Lente begint in deze manier van tellen rond 7 februari, voorjaarsequinox 21 maart geeft de volgende fase aan.

Nieuwe boeken