Het is geen willekeurig citaat uit de Tora dat door Jezus aangehaald wordt als antwoord op de vraag naar het grootste gebod. De joodse traditie kent de tekst van de eerste lezing als de geloofsbelijdenis van Israël vanwege de woorden in 6,4: (Hebr.) sjema‘ jisra’el ’adonai ’èlohenoe ’adonai ’èchad. Het is erkenning van God áls God, die men zal liefhebben met heel zijn wezen. In een mezoeza aan de deurpost van een joodse woning bevindt zich een rolletje perkament waarop de tekst van Deuteronomium 6,4-5 geschreven staat. Vrome joden hopen te sterven met de woorden van het Sjema op de
Het volledige Premium-artikel lezen?
Als Premium-lid kan je dit artikel gratis lezen door in te loggen op jouw account. Nog geen Premium-lid? Al voor € 10,- per maand lees je alles op Theologie.nl.
InloggenLid worden