Door de wonderen en grote tekenen die Stefanus verricht, vol van genade en kracht (6,8), heeft hij in dit boek een statuur als van Jezus in het evangelie. Daar blijft het niet bij. Er worden valse beschuldigingen tegen Stefanus ingebracht die vergelijkbaar zijn met die tegen Jezus (6,14). En na de daaropvolgende preek voor het Sanhedrin (7,1-53) bidt Stefanus bij zijn steniging: ‘Heer Jezus, ontvang mijn geest’ en ‘Heer, reken hun deze zonde niet aan’ (7,59-60). Niet alleen verbindt Stefanus zich met Jezus door tot Hem te bidden, maar ook door de inhoud van zijn gebed, dat – in dit
Het volledige Premium-artikel lezen?
Als Premium-lid kan je dit artikel gratis lezen door in te loggen op jouw account. Nog geen Premium-lid? Al voor € 10,- per maand lees je alles op Theologie.nl.
InloggenLid worden